Elektrische rijders in Nederland zijn overwegend positief over hun keuze, maar zien nog duidelijke verbeterpunten op het gebied van kosten en overheidsbeleid. Dat blijkt uit het jaarlijkse EV- en Berijdersonderzoek, een initiatief van de Vereniging Elektrische Rijders, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en Rijksuniversiteit Groningen.
Het onderzoek is het meest uitgebreide onderzoek onder elektrische rijders in ons land, afgenomen onder ruim 3.600 respondenten.
Grote meerderheid blijft elektrisch rijden
De overstap naar elektrisch rijden lijkt onomkeerbaar: maar liefst 83% van de EV-rijders geeft aan ook bij een volgende auto opnieuw voor volledig elektrisch te kiezen. Slechts een kleine minderheid overweegt terug te keren naar een brandstofauto (2%) of over te stappen op een plug-in hybride (3%). Het resterende deel van de respondenten heeft (nog) geen keuze gemaakt.
EV-rijders noemen rijplezier als de belangrijkste reden om elektrisch te rijden, gevolgd door milieubewustzijn en lagere gebruikskosten. EV-rijders zien zichzelf bovendien vaak als duurzaam: 60% noemt zich milieuvriendelijk en een groot deel combineert elektrisch rijden met andere duurzame keuzes, zoals zonnepanelen en warmtepompen.
Kritiek op overheidsbeleid
EV-rijders zijn kritisch op het vorige kabinetsbeleid rond elektrisch rijden: 83% beoordeelt dit al onvoldoende. Tegelijkertijd vindt 92% dat de overheid elektrisch rijden actief moet blijven stimuleren. Belangrijke maatregelen zijn, volgens de respondenten, lagere gebruikskosten, zoals korting op de eventuele kilometerheffing, een blijvend lagere motorrijtuigenbelasting voor elektrische auto’s of de invoering van een E-timer regeling waarmee zakelijke rijders fiscaal vriendelijk een EV vanaf 5 jaar oud kunnen rijden.
Aanjager van nieuwverkoop
Bij het maken van de overstap van brandstof naar elektrisch, kiest het gros (71%) voor een nieuwe EV. Van de huidige EV-rijders die eerder een brandstofauto hadden, reed slechts 48% daarvoor in een nieuw aangeschafte auto. Dit betekent dat bijna één op de vijf automobilisten een tweedehands brandstofauto heeft ingeruild voor een nieuwe elektrische auto. Kijkend naar de toekomst zegt 40% opnieuw voor een nieuwe EV te kiezen, slechts een kwart overweegt een gebruikte EV. Een deel (36%) van de respondenten twijfelt echter over de keuze tussen nieuw en gebruikte EV. Deze groep wacht waarschijnlijk op een groter aanbod en meer zekerheid in de EV-occasionmarkt. ‘Tesla-schaamte’ speelt rol bij imago en keuzegedrag
Een kleine 40% van de Teslarijders voelt zich door de publieke discussies rond topman Elon Musk (veel) negatiever over het rijden in een Tesla dan voorheen. Dit beïnvloedt in sommige gevallen zelfs de keuze voor een ander automerk. Hoewel Tesla nog steeds een belangrijke speler is, laat het onderzoek zien dat merkperceptie een steeds grotere rol speelt in de besluitvorming van EV-rijders.
Over het onderzoek
Er hebben ruim 3.600 respondenten deelgenomen aan het onderzoek van 2025. Particuliere EV-rijders zijn sterker vertegenwoordigd in de enquête dan in het nationale wagenpark van volledig elektrisch. Intern gebruik auto’s (67% versus 41% particuliere rijders). 74% van de respondenten rijdt een nieuwe EV, terwijl 26% een gebruikte elektrische auto rijdt. De enquête is in december 2025 ingevuld door respondenten.
Over de initiatiefnemers
Het Nationaal EV- en Berijdersonderzoek wordt geïnitieerd door de Vereniging Elektrische Rijders (VER) en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De VER, opgericht in 2015, is dé vertegenwoordiger van EV-rijders in Nederland, met als doel het versnellen van de adoptie van elektrisch rijden. De RVO ondersteunt de transitie naar elektrisch rijden door financiële steun, het faciliteren van samenwerkingen en kennisdeling. De Rijksuniversiteit Groningen (RUG) is partner in het onderzoek, waarbij zij onder andere betrokken zijn bij de enquête-opzet en -analyse. Dit onderzoek wordt ook gesteund door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W).
